Groentips & Groeninfo

Herinneringen

Toen wij in 2007 ons huis kochten, was er erg veel achterstallig onderhoud in huis en tuin. Dat de tuin mijn “pakkie an” was, is inmiddels wel bij velen bekend. Op de erfscheiding met onze achter- en zijburen stond een enorme haag met torenhoge Leylandii`s. In totaal 25 bomen, stuk voor stuk zo’n 6 meter hoog.
In eerste instantie waren we blij met deze vorm van privacy en de eerste jaren heb ik dan ook, met gevaar voor eigen leven, deze haag naar eer en geweten gesnoeid. En beetje op de gok dat wel, want van coniferen heb ik weinig tot geen verstand. Maar goed in het begin zagen ze er toch beter uit. Om die lelijke, aan het gaas van de afscheiding vastgegroeide, stammen te maskeren, legden we onder de bomen een takkenril aan. Heel praktisch, want er kwam de eerste jaren enorm veel snoeihout uit de rest van de tuin. Zo waren we de dan ook best wel tevreden met ons donkergroene uitzicht. Na verloop van tijd kwamen er echter enorm veel bruine takken in de bomen en een vreemd soort vliegje. Bijkomstigheid was ook nog, dat er een enorme kolonie kauwtjes tussen de takken woonde die het gemunt hadden op het riet van ons nieuwe dak, als nestmateriaal.

Eigenlijk wilden we nu wel van de coniferen af, maar ja, ga er maar aan staan, zoveel bomen omzagen en afvoeren.  De prijs die de hovenier er voor vroeg, was ruim boven ons budget. Dus de bomen bleven staan. Fraaier werden ze er helaas niet op, steeds bruiner en kaler.
Net hadden we bedacht, ze dan maar stuk voor stuk om te zagen, toen er hulp kwam uit onverwachte hoek. Op een middag in de tuin, kwam er iemand naar me toe, die zich voorstelde als iemand van landschapsbeheer. Of hij op ons erf mocht kijken ivm een te plannen fietstocht. We raakten in gesprek en hij vroeg enthousiast of we soms erfadvies wilden. Zijn organisatie hield zich bezig met het zoveel mogelijk authentiek maken van het buitengebied, met andere woorden, erfbeplanting die hier van nature niet thuishoorde vervangen door zogenaamde “landschapseigen” soorten. Hoera! Hier kwamen mijn Leylandii`s in beeld. Aarzelend gooide ik een balletje op. Oei, hij wierp wel een erg bedenkelijke blik in de richting van mijn bomen. “Ja. Ziet u mijn subsidiepotje ……….. “ Klonk het . Met een mooie folder liet hij me achter met in mijn achterhoofd het liedje “die zien we nooit meer terug”. Maar nee, twee dagen later belde hij me op met een geweldig idee. Een knotploeg uit de omgeving had hij bereid gevonden om buiten het seizoen onze bomen te rooien in ruil voor een wederdienst. Die bestond uit vrijwilligerswerk voor hen, door onze vrachtauto en mijn man als chauffeur.
Zo kwam het dat ik na enige tijd op zaterdagochtend een keuken vol stoere mannen had, die naast het wegwerken van liters soep en koffie ook heel hard konden werken. Aan het eind van de dag lag er naast een enorme berg takken ook een stapel keurig gezaagde boomstammen. We zijn nog weken aan het opruimen geweest, maar de volgende winter konden we de hele strook inplanten met, via landschapsbeheer goedgekeurde en betaalde, bomen en struiken. Zoals haagbeuk, hazelaar, els, hondsroos en kardinaalsmuts. De kauwen zijn verhuisd, maar daarvoor in de plaats kwamen mussen, merels, mezen, groenlingen, putters en nog veel meer vogels. Ook scharrelt er nu een egel rond. Ik hoop dat die meneer nog een langs fietst en denkt, “dat heb ik toch maar mooi geregeld daar”.
Zelf kijken waar al mijn verhaaltjes vandaan komen? Kom dan op 11 juni langs, want dan hebben we de hele dag open tuin!

Jeanette.

meer

 

 

 

17
Sep
Plumeria: een kostbaar bezit - Blik op de Tuin no. 919
11
Sep
TOMATENOOGST